2021-05 NLGO Zienswijze OB Herontwikkeling Hernesseroord

het Ontwerp Bestemmingsplan Herontwikkeling Hernesseroord ligt ter inzage.


Het ontwerpplan zegt de aanwezige bossen te willen bewaren, en door dunning het groen te willen versterken. Maar wie de plannen aandachtig leest ziet het huidige bos veranderen in een veel kleiner stadspark, met als dominante factor hoge bebouwing tot 4-6 woonlagen. Vandaar onze zienswijze:




Aan: College van Burgemeester en

Wethouders van de

gemeente Goeree Overflakkee

Postbus 1

3240 AA Middelharnis

Middelharnis, 9 mei 2021

Betreft: Ontwerp Bestemmingsplan Herontwikkeling Hernesseroord.

Geacht College,

Hierbij willen wij onze zienswijze geven op het Ontwerp BS Herontwikkeling Hernesseroord. Algemeen We hebben geconstateerd dat op de Gemeente-site, bij de melding van de terinzagelegging van het Ontwerp BS Herontwikkeling Hernesseroord, d.d. 31-03-2021 er te downloaden stukken ontbreken in vergelijking met de melding op de site www.ruimtelijkeplannen.nl. Met name ontbreken Bijlage 5 Aanvullend natuuronderzoek, Bijlage 8 Toelichting Verkeersparagraaf, Bijlage 9 Watertoets en Bijlage 10 Vormvrije MER beoordeling.

Nu kan het zijn dat de stukken wel op het gemeentehuis zouden zijn in te zien, maar in deze corona-tijd vinden wij het niet terecht om alsnog een afspraak op het gemeentehuis te moeten maken. Een digitale beoordeling van de beleidsplannen van de Gemeente zou volledig en afdoende moeten zijn. Het ontbreken van de digitale stukken betekent dat het ontwerp niet volledig kan worden beoordeeld. Procedureel lijkt het ons dat niet voldaan is aan een volledig transparante procedure.

Specifieke beoordeling In de toelichting op het Ontwerp BS Herontwikkeling / Woningbouwontwikkeling Hernesseroord wordt op blz. 6 gesteld: “Het plan is opgezet met zoveel mogelijk behoud van de waardevolle bestaande groenstructuur (zie afbeelding 3).” En even verder: “De kwaliteit van het groen zal door dunning verbeteren.” NLGO heeft grote twijfels bij de opzet van het plan en de aanname dat de waardevolle, bestaande groenstructuur zo veel mogelijk behouden blijft. Bij deze aanname wordt niet aangegeven waarop dit is gebaseerd. De ecologische kwaliteit, de belevingskwaliteit of de landschappelijke kwaliteit? Kijken we naar de bijvermelde tekeningen van het plangebied dan schatten wij het volgende:

Bij Deelgebied 1 staan ca 800 bomen. Bij Deelgebied staan ca 480 bomen en er staat een elzenbos van ca 5 jaar (spontaan 1.000 elzen). Bij deelgebied 3 staan ca 560 bomen (wat lastiger in te schatten; kunnen er ook meer zijn). Bij deelgebied 4 staan ca 70 bomen. Voor de nieuwe toegangsweg zullen ook bomen verdwijnen. Incl. de aansluitingen gaat dit om ca 200 bomen. In totaal schatten wij zo ruim 2100 bomen en een jong bos van 1000 elzen. Het lijkt ons moeilijk dit onder het mom van "dunning” te doen. En van een kwaliteitsverbetering spreken lijkt ons een een verkeerde voorstelling van zaken. Op blz. 8 wordt een verwachte hoogte van de gebouwen aangegeven: “Deelgebied 1 - het open vizier ~ De 3 gebouwen variëren in hoogte zodat een speelse uitstraling aan de entree van het gebied ontstaat. Bovenop een gebouwde parkeervoorzieningen worden 4 tot 6 woonlagen voorzien.” Een gebouw van 4-6 woonlagen komt neer op minimaal 12 tot 18 m bouwhoogte. Dergelijk hoge bebouwing gaat, naar onze mening, domineren in het bosgebied. Daarbij heeft deze hoge bebouwing ook effect op de groene omgeving: schaduw; barrièrewerking voor vogels. Terwijl voor de bewoners wel extra groen wordt verwijderd i.v.m. mogelijke beperking van zonbeleving (Woningbouwontwikkeling Hernesseroord; Bijlagen bij de regels; Ruimtelijk Raamwerk; blz. 40). Voor de deelgebieden 2 en 4 ontbreken een concreet of nader uitgewerkt plan. Dan wordt het moeilijk om te oordelen over het effect van dit deel van het plan op de omgeving.

Onder het kopje “ Groen en openbare ruimte” wordt gesteld: “Het gebied ontleend zijn kracht aan de bestaande bossen. Deze worden zoveel als mogelijk gerespecteerd.”

Zo veel mogelijk blijkt een rekkelijk begrip. Er wordt geen indicatie gegeven over hoeveel groen er gaat verdwijnen. Toch wordt er gesteld “De kwaliteit van het groen zal door dunning verbeteren” . Nogmaals, waarop is dat gebaseerd? Het bestaande bosgebied wordt, naar onze beleving, volledig ontmanteld. - Bij Deelgebied 1 verdwijnt het gehele bos. - Bij Deelgebied 2 blijft een bosrand over van 30 meter (incl. schouwrand en sloot). - Bij Deelgebied 3 blijft een bosrand over van 50 meter (incl. schouwrand en sloot). - Bij Deelgebied 4 blijft een bosrand over van 50 meter (incl. schouwrand en sloot).

Al met al geen robuust bosgebied meer en zeker niet ‘stevig’. Er komt veel verstening. Verkleining maakt van het bos een stadspark met een veel geringere belevingswaarde (minder vogels, meer omgevingsgeluid). Door de nieuwe bewoners zal het park ongetwijfeld worden gewaardeerd, maar niet door de inwoners van Middelharnis, die de beleving van het bos zullen missen. Op blz.12 worden bestemmingsregels toegelicht. Bij het onderdeel Groen wordt gesteld: “De drager van het gebied is de robuuste groenstructuur. Binnen deze bestemming zijn geen gebouwen toegestaan. Voor het kappen van opgaand groen is een vergunning nodig, tenzij dit normaal onderhoud betreft.”

Onduidelijk is wat onder onderhoud wordt verstaan. Op Goeree Overflakkee worden onder deze noemer vele bomen gekapt. Op basis van het Provinciaal beleid (behouden en versterken van het landschap) wordt op blz. 14 gesteld: “…. de intrinsieke waarden worden beschermd en versterkt, en dat de groene ruimte aansluit bij de vraag van de gebruikers en bewoners,…” . De intrinsieke waarde van het gebied is, naar onze mening, dat het een bos biedt voor de bewoners van de oude kern van Middelharnis. Dit wordt in de huidige vorm zeer gewaardeerd en gebruikt. Door de herontwikkeling van het gebied wordt van het bos een park gemaakt, waarin de beleving van de bewoners van de oude kern niet meer tot haar recht komt. De Provincie wil de groen-blauwe structuur “behouden en waar nodig te versterken,…”. Het onderhavige plan beperkt juist de groen-blauwe structuur en versterkt haar zeker niet. Op Blz. 18 wordt gesteld: “Aan de zijde van de Oosthavendijk wordt meer interactie gezocht met het havenkanaal. Aan die zijde wordt meer landschap gecreëerd en wordt de beleving van zowel het kanaal als andersom de beleving van het gebied Hernesseroord verbeterd.”

NLGO is van mening dat door de bosrand weg te halen en 4-6 laags hoge gebouwen te realiseren, er vanaf de havenkant zeker ook geen kwaliteitsverbetering van de beleefwaarde zal worden bereikt.

In de tabel op blz. 25 wordt het aantal extra vervoersbewegingen per dag gemeld: 2345. De toename van het aantal vervoersbewegingen onderbouwt de angst dat de belevingswaarde en de natuurwaarden in de knel komen en zullen verdwijnen.

Op blz. 26 wordt onder de kop 4.9 Natuur de soortenbescherming besproken. Zolang nader ecologisch onderzoek niet aangeeft dat de effecten op flora en fauna zeer beperkt zijn, wordt deze niet onderbouwd met gegevens. Waar moeten de huidige broedvogels – incl. buizerd, ransuil - en de vleermuis heen? In de omgeving is geen alternatief. Het bosgebied bij De Vliegers is ver. Extra zorgen maken wij ons voor de Rosse vleermuis en dwergvleermuis. Deze komen ook voor in deelgebied 2. De waterplas, in deelgebied 2, is foerageergebied voor de IJsvogel. De bomen in deelgebied 2, 3 en 4, op nominatie voor kap, zijn broedplaatsen voor Groene Specht (2 paar) en Grote Bonte Specht (2 paar). Op blz. 26 wordt gesteld: “Maatregelen moeten worden genomen om te zorgen dat geen dieren worden verstoord en dat de functionaliteit van het foerageergebied behouden blijft of wordt gecompenseerd. De maatregelen zijn beschreven in het onderzoek. Ook voor het verwijderen van bosschages is een ontheffing noodzakelijk. In verband met mogelijke verstoring van slaap/rustplekken van de ransuil is een activiteitenplan nodig waarbij mitigerende en compenserende maatregelen genomen moeten worden.

Op zich is dit terecht opgemerkt, maar NLGO had dan graag gelezen hoe men denkt dit te kunnen realiseren als er in de ruime omgeving geen locaties zijn die zich hiervoor lenen. Het lijkt ons een vereiste om dit in het Bestemmingsplan op te nemen. In dit hoofdstuk wordt de aanwezigheid van vlinders niet genoemd, maar de Grote Vos komt voor in deelgebied 3, waar ook de egel regelmatig wordt waargenomen. In 2008 is de Grote Keverorchis verplaats i.v.m. met toen mogelijk toekomstige bouwactiviteiten. Deze zijn verplaatst naar vak 3, bij de nieuwe toegangsweg naar de woningen. De orchideeën zullen deze plek dus weer worden bedreigd. naar onze mening zal eerst een gedegen ecologisch onderzoek moeten worden gedaan, alvorens het bestemmingsplan verder kan worden vastgesteld.

Op blz. 41 van “Woningbouwontwikkeling Hernesseroord; Bijlagen bij de regels; Ruimtelijk Raamwerk” wordt gesproken over het versterken van de biodiversiteit. Een variatie in boomsoorten is een goede zaak voor de biodiversiteit. Maar voor elke volwassen boom die nu wordt gekapt duurt het 30-40 jaar voordat een vervangende boom dezelfde kwaliteit (ecologisch én klimatologisch) heeft als de gekapte boom. Gelet op de leeftijd van de huidige bomen is een ‘1-op-1’ -compensatie niet toereikend om de ecologische én klimatologische (CO2 vastlegging) schade te compenseren. Dat vraagt om extra compensatie elders. Er is echter geen compensatieplan bijgevoegd.

Op blz. 32 (“Toelichting op het Ontwerp BS Herontwikkeling Hernesseroord” wordt onder “4.13 Conclusie” gesteld: “Omgevingsaspecten zijn onderzocht en vormen geen belemmering voor de ontwikkeling. Planologische medewerking aan het initiatief ligt dan ook in de rede.”


NLGO vindt dat de conclusie, dat er geen belemmeringen zijn, niet overtuigend onderbouwd en dus erg voorbarig. Voor wat betreft de natuurontwikkeling en verbetering van de biodiversiteit in de omgeving van Middelharnis lijkt NLGO dit plan geen verbetering. Wellicht als het een nieuw te bebouwen gebied in een open polder zou zijn geweest. In een bestaande groene omgeving, zoals Hernesseroord, is het alleen maar verarming van het groen en biodiversiteit. Het verdwijnen van zoveel bos, zonder dat er een compensatieplan tegenover staat, vinden wij onacceptabel.



Hoogachtend, namens het bestuur,